Hoe Columbus nog steeds bepaalt wat we eten

Columbiaanse uitwisseling-Chilipepers / www.eenlepeltjelekkers.be

Buiten is het grijs en grauw. Ik sta in de keuken en hak achteloos wat tomaten. Door de boxen schalt Jamaicaanse reggae die mij zachtjes doet mee wiegen. De kamer vult zich langzaamaan met wereldse aroma’s: het zoete van langzaam gestoofde uien, aardse kruidigheid van geroosterde komijn, doordringende scherpte van chili en gember. Uit de koelkast haal ik nog limoenblad, babymaïs en koriander. Mijn Thais geïnspireerde curry begint vorm te krijgen. 

Columbiaanse uitwisseling-Thaise curry / www.eenlepeltjelekkers.be
Foto van Taylor Kiser via Unsplash

Het lijkt allemaal zo gemakkelijk: even slenteren door de supermarkt en de wereld ligt in je winkelkar. Het aanbod is overweldigend. Wil je vanavond Indische dahl, Italiaanse pasta of toch maar Afrikaanse boboti? Alles is slechts een graai verwijderd van je keukenkast. En toch zijn al die producten er niet altijd geweest. Voor specerijen en exotische vruchten is dat misschien niet zo verwonderlijk. Maar ook alledaagse ingrediënten als aardappels, pompoen en zelfs tomaten waren ooit ongekend in Europese keukens. 

De langzame optocht van de tomaat

Toen de ontdekkingsreizigers onder leiding van Christoffel Columbus voor het eerste voet aan wal zetten op de Bahama’s in 1492, ontdekten ze niet de geurige specerijen die ze eigenlijk zochten. Kaneel, kardemom en peper waren niet voorhanden in Centraal-Amerika, wel chili in alle geuren en kleuren, piment en vanille. Naast deze ongekende smaakmakers die later een onuitwisbare invloed op onze gastronomie zouden uitoefenen, verbouwden de Indianen ook heel wat andere gewassen die door de veroveraars werden meegenomen naar hun thuishaven. Maïs, aardappels, pinda’s, maniok, ananas, cacao en ook tomaten vonden zo hun weg naar Europese, Aziatische en Afrikaanse keukens. 

Veelkleurige tomaten / www.eenlepeltjelekkers.be

Tomaten groeiden oorspronkelijk als kleine, wilde vruchten in de kustgebieden van Peru. Vermoedelijk ging het om een soort gele kerstomaten, die later Centraal-Amerika bereikte. De Maya’s waren de eersten om ze te verbouwen als voedingsmiddel. Pas bij de verovering van Mexico in 1519 maakten tomaten de oversteek van de Atlantische Oceaan. Noord-Europeanen keken in het begin argwanend naar de ongekende, felgekleurde vruchten. Veelal werd gedacht dat ze giftig waren, en jarenlang werden ze alleen geteeld als sierplant. In Frankrijk kreeg de vrucht liederlijk de bijnaam “pomme d’amour” door haar vermeende zinnenprikkelende eigenschappen; de Italianen hielden het beschrijvend bij “pomo d’oro” of gouden appel. 

Pas vanaf het einde van de 16e eeuw ontdekten vooruitstrevende chefs langzaam maar zeker de culinaire veelzijdigheid van de tomaat. Het eerste recept met tomaten verscheen in het Napolitaans kookboek “Lo scalco alla moderna” uit 1692. De combinatie pasta-tomatensaus werd zelfs pas 100 jaar later bedacht. Zonder deze ontdekking zouden we nu niet kunnen genieten van een pittige penne arrabbiata of een troostende lasagne… Het toont nog maar eens aan welke invloed de uitwisseling van voedingsmiddelen tussen Amerika en de rest van de wereld op onze culinaire tradities heeft gehad. 

Columbiaanse uitwisseling-Pasta met tomaat / www.eenlepeltjelekkers.be
Foto van Jakub Kapusnak via Unsplash

Van de Oude Wereld naar de Nieuwe

Uiteraard bleef het niet bij eenrichtingsverkeer. De Europese grootmachten wilden hun onderdanen in de Nieuwe Wereld niet laten overleven op de – in hun ogen – inferieure voedingsmiddelen die ter plaatse verbouwd werden. Ze importeerden vee, rijst, suikerriet en granen, en transformeerde daarmee ook voorgoed het dieet van de inheemse bevolking. Door de jaren heen kregen de ingevoerde producten een steeds prominenter plaats in de gastronomie van de Amerika’s. Geen Argentinië zonder rib-eye, geen Braziliaanse caipirinha zonder rietsuiker en al helemaal geen Homer Simpson zonder donuts. De kruisbestuiving van de  “Columbiaanse uitwisseling” is totaal. 

Voedingsmiddelen die tot 1492 onbekend waren, zijn nu onmisbaar in vele wereldkeukens. Italiaanse pizza zou zonder de slechte navigatieskills van Columbus altíjd pizza bianca zijn, Zwitserland zou niet rijk worden van de Toblerone-verkoop op internationale luchthavens en de Indische curry die ik ’s avonds laat aan huis laat leveren door zo’n Deliveroo-mannetje op een brakke fiets zou eerder aromatisch dan pittig zijn. 

Columbiaanse uitwisseling-Chilipepers / www.eenlepeltjelekkers.be
Foto van Timothy L Brock via Unsplash

Ook dat lijkt misschien onmogelijk, maar voor de ontdekking van Amerika was chili onvindbaar in Azië. Latijns-Amerikaanse pepers werden door Vasco da Gama naar India gebracht, en verspreidden zich zo over de rest van het continent. Als je nu een willekeurige hoek omslaat in Bangkok word je bedwelmd door de magische geuren van pittige curries en roerbakgerechten, die door de gretige straatverkopers als typisch Thais worden aangeprezen. Alhoewel ze intussen wel recht van spreken hebben, zou in de voetnoot toch mogen staan dat de vruchten waarmee ze deze gerechten bereiden pas vanaf de 17e eeuw ingang vonden in hun land. 

Globalisering vs nivellering

Door die wijde verspreiding van voedingsmiddelen over de hele wereld zou je misschien verwachten dat we nu vooral eenheidsworst eten. Maar zelfs ondanks de enorme globalisering van de afgelopen decennia is dat niet zo. De ingrediënten mogen dan wel dezelfde zijn, de gerechten die ermee bereid worden, blijven hun eigen culturele identiteit behouden

Taco's / www.eenlepeltjelekkers.be
Foto van Chad Montano via Unsplash

Neem nu de combinatie rundsvlees, maïs, chili. In Mexico zal je een rijkgevulde taco voorgeschoteld krijgen. De chili wordt verwerkt in pico de gallo, een salsa die ook ui, koriander en limoen bevat. Het rundsvlees krijgt samen met de maïskolf een geroosterd smaakje op de barbecue, en je krokante taco wordt afgewerkt met een royale portie queso fresco. Geef je dezelfde ingrediënten aan een Chinese kok, dan krijg je vermoedelijk een pittig wokgerecht van in hoisin gemarineerde steak, kort geschroeide babymaïs en fijngehakte rode chili. En laat je er een authentieke Italiaanse chef op los, dan zou je wel eens kunnen aanschuiven voor een feestmaal van romige polenta met pittige polpette – balletjes van rundsgehakt en chili – in een rijke tomatensaus. 

Ik vind het alvast goed om te beseffen dat globalisering niet per se gelijk staat aan nivellering. Zelfs al kunnen we nu zowel Koreaanse gochujang als Australische vegemite in de beter gesorteerde supermarkt vinden: het hoeft niet te betekenen dat onze culinaire tradities verdwijnen. Integendeel: de introductie van internationale ingrediënten en smaakmakers zorgt voor een verrijking van onze gastronomie die elke dag verder evolueert naar een Vlaamse volkskeuken 2.0. Laten we de nieuwe invloeden omarmen en er ons eigen potje van maken. Mosselen in dashi met zoete aardappelfrietjes? Ik ga al aan de slag!

Mosselen / www.eenlepeltjelekkers.be
Foto van Nikita Tikhomirov via Unsplash

Ik schreef deze tekst over de Columbiaanse uitwisseling voor de Academie Culinair Schrijven van Onno Kleyn.

Een lepeltje terug in de tijd

1 jaar geleden: Bananendessert met zanddeeg en pudding
2 jaar geleden: Rabarbertaart met vanille-meringue
3 jaar geleden: Kaneelbroodjes zonder kneden
4 jaar geleden: Chocolade-kastanjepotjes
5 jaar geleden: Risottoballetjes met geroosterde tomaten
6 jaar geleden: Gezonde koekjes met lijnzaad, cranberries en chocolade

  • Bananendessert met pudding en zanddeeg_landscape / www.eenlepeltjelekkers.be
  • Rabarbertaart met vanillemerengue / www.eenlepeltjelekkers.be
  • Kaneelbroodjes zonder kneden / www.eenlepeltjelekkers.be
  • Chocolade-kastanjepotjes
Print Friendly, PDF & Email

2 thoughts on “Hoe Columbus nog steeds bepaalt wat we eten

Laat hier een reactie achter.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.