1sinaasappelin schijfjes en dan in kwarten gesneden
Voor de marinade
1/2sinaasappelalleen het sap
3teentjes lookgeperst
2eetlepelshoning
2theelepelsharissa
1theelepelkorianderpoeder
1theelepelkaneelpoeder
1/2theelepelfijn zeezout
2eetlepelsolijfolie
Voor de tabouleh
300gbulgur
2sjalottengepeld en schoongemaakt
6wortelsgeschild
50gamandelschilfers
100ggranaatappelpitjes
1bosjemuntalleen de blaadjes, fijngehakt
1theelepelgemalen sumak
1/2sinaasappelalleen het sap
3eetlepelsolijfolie
peper en zout
Voor de saus
2eetlepelswitte tahin
4eetlepelslichte zure room
1teentjelookgeperst
peper en zout
Instructies
Snijd de kippendijfilets in reepjes.
Meng alle andere ingrediënten, behalve de sinaasappelschijfjes, voor de marinade in een grote diepvrieszak.
Doe er de kippenreepjes bij, sluit de zak en kneed zodat de kip volledig bedekt is met de marinade.
Leg in de koelkast en laat minstens 1 u marineren.
Laat intussen 10 satéstokjes weken in koud water. Daardoor kan je er het vlees makkelijker afschuiven na het bakken.
Maak nu de tabouleh.
Doe de bulgur in een warmtebestendige kom en overgiet met kokend water tot hij ongeveer 1 cm onderstaat. Voeg een snuifje zout toe, dek af en laat 10 minuten wellen tot al het vocht is opgenomen. Roer los met een vork.
Snijd de sjalotten fijn en de wortels in blokjes.
Rooster de amandelschilfers goudbruin in een droge koekenpan. Blijf in de buurt want dit verbrandt snel!
Meng bulgur met sjalot, wortel, granaatappelpitjes, munt, sumak, sinaasappelsap en olijfolie en kruid royaal bij met zout en peper.
Roer er vlak voor het serveren de amandelschilfers door (anders worden ze zompig).
Voor de saus
Roer de tahin los met zure room en look.
Voeg eventueel een scheutje water toe tot je de consistentie van drinkyoghurt krijgt.
Kruid bij met peper en zout.
Om te serveren
Rijg de kippenreepjes om en om met een sinaasappelkwartje aan de satéstokjes.
Bak in een antikleefpan op middelhoog vuur tot goudbruin en gaar.
Verdeel de tabouleh over de borden. Leg er de kipspiesjes op. Werk af met de tahinidressing.